vrijdag 19 februari 2016

Klassieke literatuur meets klassieke cartoons

Waar klassieke literatuur en cartoons botsen, ontstaat: Masterpiece comics. R. Sikoryak creëerde een eigen versie van klassieke verhalen en bracht ze in een bekende cartoonstijl uit de geschiedenis van de strip. Het resultaat is niet alleen een overzicht van de literatuur, maar ook een geschiedenis van de strip.
Door Elias Jonkers.

Wie is R. Sikoryak?
Zelfportret van Sikoryak.
Robert Sikoryak (1964) is een Amerikaans stripkunstenaar die vooral bekend is van het herwerken van klassieke verhalen in verschillende stijlen. Hij werkte onder meer voor RAW, Nickelodeon Magazine, The New Yorker en voor onafhankelijke publicaties. Hij is ook bekend van zijn multimedia stripserie slide show Carousel.








Masterpiece comics.

Masterpiece comics verscheen oorspronkelijk in 2009 bij Drawn and Quarterly en heeft het uitzicht van een verzamelwerk van stripbladen met enkele verhalen. Inclusief de imitatie van reclame tussen de verhalen. Het ziet er allemaal net echt uit. Maar wat er nog het meest realistisch uitziet zijn de bewerkte verhalen.

Het eerste deel.

In het eerste deel komen klassiekers als Genesis, De goddelijke komedie, Faust, Macbeth, Voltaire en Emily Brönte aan bod. De verhalen zijn telkens in een andere stijl bewerkt. Dit doet Skiryak zo goed dat het origineel naadloos benaderd wordt. 

Het eerste verhaal is getiteld: Classics on Parade (Genesis) en is een knipoog naar Funnies on Parade uit 1933, één van de voorlopers van de echte stripboeken in Amerika. De stijl van dit Genesisverhaal is die van Chic Young's krantenstrip Blondie (1930). Vandaag schrijft Dean Young, de zoon van Chic, de verhalen en de tekenaar van dienst is John Marshall. 

Inferno van Dante wordt vertaald in de stijl van Wesley Morse en zijn bekendste strip Bazooka Joe. Morse was trouwens één van de twee bekende tekenaars van de Tijuana Bible, een erotische underground-strip. De Bazooka Joe-strips stonden op de wikkel van een apart verpakte Bazooka kauwgom. Het ging om korte, kleine stripjes met op het einde telkens een gadget uitgelegd, zoals een Zwitsers zakmes. In Masterpiece comics zijn het dan gadgets als 'Tail of damnation' en is het niet Bazooka Joe maar Inferno Joe. Joe ziet er wel hetzelfde uit: een kwajongen met een zwart ooglapje. 

Mephistofield is dan weer een hommage aan Jim Davis en zijn Garfield. De kat is de duivel, in beide verhalen, die Jon/Faustus komt plagen wanneer hij de duivel oproept. 
Garfield werd voor het eerst gepubliceerd in 1978 en verschijnt bij ons in De Standaard en Het Nieuwsblad. Garfield stond in het Guiness World Records als meest verspreide strip.



Mac Worth is gebaseerd op The Scottish play en op de stijl van de krantenstrip Mary Worth (1938) van tekenaar Ken Ernst en schrijver Allen Saunders. 

Candiggy is gebaseerd op de satires van Voltaire en in de stijl van tekenaar Tom Wilson en zijn serie Ziggy (1968). Ziggy is een personage met een grote neus en grote voeten en enkel een t-shirt als kledij. Heel eenvoudig. Candiggy is helemaal hetzelfde. 






Cover van #35, tekening van Jack Davis.
Wat volgt is een verhaal van Emily Brönte, Woeste hoogten (1847). De stijl is die van Tales from the Crypt zoals die door Al Feldstein en Jack Davis gemaakt werden. Tales werd uitgegeven door EC Comics nadat William Gaines de naam had veranderd in Entertaining Comics in plaats van Educational Comics. Het is William Gaines die op een hoorzitting in de senaat gig verdedigen dat zijn strips en covers niet te bloederig en eng waren. In die jaren waren er heel wat bezorgde ouders en leerkrachten die zich tegen de strip hadden gekant.
De vader van William, Max Gaines, lag aan de basis van de moderne strip door het publiceren van Famous Funnies
Publicaties als Tales from the Crypt liggen aan de basis van de zware censuur die op strips kwam te liggen in Amerika en de oprichting van de Comics Code Authority, een commissie die toezicht hield op de inhoud van de strips.





Het tweede deel.

Het tweede deel begint met Hester's Little Pearl en is gebaseerd op de duistere en romantische historische roman van Nathaniel Hawthorne uit 1850, The Scarlet Letter. De tekenstijl is dan weer die van John Stanley en Irving Tripp in hun strip gebaseerd op het personage van Marjorie Henderson Buell (Marge), Little Lulu (1935). 
De tekenstijl van Stanley en Tripp is humoristisch en in heldere lijnen. Vooral bij Irving zien we een duidelijke verhaalopbouw en heldere krachtige tekeningen. Het is deze stijl die Sikoryak het beste benadert.

Crime and Punishment (1866) van de grote Russische schrijver Fjodor Dostojevski gebruikt Sikoryak in combinatie met Bob Kane's Batman. De pagina-opbouw heeft ook heel wat weg van die eerste Batmanverhalen (1939).

Dorian Gray van Oscar Wilde speelde al meer tot de verbeelding voor menig striptekenaar. Skoryak maakt er een Little Nemo in Slumberland-achtig verhaal van. Nemo verscheen voor het eerst in 1905 en werd bedacht door Winsor McCay. Nemo is één van de vroegste krantenstrips en kende een ontzettend groot succes. 





Wat volgt is nog een verwijzing naar Peanuts van Chales Schulz en Wachten op Godot wordt Waiting to go in de stijl van Beavis and Butt-Head.
Nog te vermelden is de coverpagina van Action Camus. Een knipoog naar Albert Camus en Action Comics met de bekendste held Superman

Masterpiece Comics van Robert Sikoryak is een album vol met hilarische parodieën op klassieke werken. Deze zijn heruitgevonden door middel van klassieke strips en bekende cartoonstijlen. Sikoryak laat zien dat hij vele stijlen machtig is.
Hier botsen literatuur en strip op een leuke en grappige manier. Het is aangenaam om de verschillende stijlen te herkennen en op te zoek te gaan naar namen die je nog kende. 




Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen